Dit diploma is bedoeld om de eigen vaardigheid van een Zeezeilinstructeur A te testen dan wel voor personen die blijk hebben gegeven onderstaande functies te kunnen uitvoeren als 'Coastalskipper' * op een zeegaand jacht. In principe onder alle omstandigheden zelfstandig, veilig en verantwoord kunnen varen en manoeuvreren op zee. Daarnaast leiding geven aan de bemanning, navigeren en de tocht voorbereiden. Hij/zij draagt onder alle omstandigheden de eindverantwoordelijkheid voor schip en bemanning, ook in juridische zin. De vereiste ervaring voor dit diploma is totaal 1000 mijl, waarvan 250 mijl na het behalen van niveau Zeezeilen III. Deze ervaring moet aannemelijk gemaakt kunnen worden.
| 7. | Het maken en uitvoeren van wachtschema'sHet op kunnen stellen van een doelmatig wachtloopschema waarbij de beschikbare kennis onder de bemanning gelijkelijk is verdeeld en er voldoende rust genoten kan worden door iedereen. Het moet mogelijk zijn het schema direct aan te passen indien de omstandigheden dat vereisen. |
| 11. | Aankomen en afvaren zowel onder zeil als met motorvermogenIn staat zijn om onder alle omstandigheden een schip veilig aan de kant te brengen met behulp van alle technieken die men verantwoord acht. |
| 17. | Ankeren aan hoger- en lager wal zonder motorOnder alle omstandigheden in staat zijn een schip voor anker te leggen, ook in het donker. Verder in staat zijn om onder zeil en/of motor een meerboei op te pakken, ook met stroom. |
| 20. | Manoeuvreren op de motor in alle omstandigheden en in lastige situaties alternatieven kunnen aangeven en uitvoerenOok met stormachtige wind en zeegang. 's Nachts in onbekende havens het schip te allen tijde volledig onder controle hebben. Ook op schepen waarop men weinig ervaring heeft. |
| 30. | Loskomen bij aan de grond lopen, stormmanoeuvresDoor middel van manoeuvreren op zeil en/of motor, eventueel met behulp van trossen en/of ankers en andere hulpmiddelen, op een veilige manier voor schip en bemanning op verantwoorde manier loskomen.In staat zijn te bepalen wat de juiste stormtactiek is in de gegeven situatie, zoals bijliggen, voor top en takel weglopen en steken op een stormtuig. |
| 31. | SloepenrolRustig en efficiënt kunnen uitvoeren. |
Het examen Reisvoorbereiding, Routering en Planning (dat in principe tweemaal per jaar wordt afgenomen) bestaat uit het uitvoeren een reisplanning voor een gegeven tocht volgens de hieronder gegeven richtlijnen:
Van de kandidaat wordt verwacht dat hij, met behulp van de hem ter beschikking staande informatie, zeekaarten en boekwerken een verantwoord reisplan opstelt, alsmede een verantwoorde wachtindeling. Daarbij moet hij de noodzakelijke gegevens voor een veilige uitvoering van het reisplan, zoveel mogelijk verwerken in de zeekaart(en). Aanvullende gegevens worden op een werkblad genoteerd (in chronolo-gische volgorde).
Toelatingseisen:
Kandidaten worden tot het examen toegelaten indien zij:
Meer informatie kunt u krijgen bij het CWO-Secretariaat.